DE BIJ (nr 64, april 2009)
Bijna iedereen vindt bijenhoning heerlijk. De bijen hebben zich echter tegen de hebberigheid van de mensen moeten beschermen en hebben daarom een angel met bijengif gekregen. Een bijensteek is pijnlijk voor de mens, maar dodelijk voor de bij. Hoe dat zo gekomen is leest u in dit sprookje:
In het begin van onze jaartelling waren er veel nuttige dieren, die hun rijkdom gul met de mensen deelden. Zo gaf het kleine schaap, de moeflon, wol aan de mensen om er warme kleding van te maken. De hoenders vonden het prima als de mensen een deel van hun eieren pakten. De bijen verzamelden honing uit de bloemen waar de mensen een deel van mochten gebruiken om van te genieten. Na het paradijselijk begin van de wereld kwam na verloop van tijd hebzucht en wreedheid. Er kwamen mensen die niet tevreden waren met het deel dat de dieren hen gaven. Die mensen eisten alles op en kwelden de dieren. Niet alleen in de lente, maar ook in de herfst schoren zij de moeflons, waardoor deze dieren kou leden in de winter. Geen enkel ei lieten ze achter in de nesten van de hoenders, waardoor er geen jongen werden geboren. De hele honingvoorraad van de bijen roofden ze leeg waardoor deze insecten honger leden. Alle nuttige dieren staken tenslotte wanhopig hun koppen bij elkaar en overlegden over de rampspoed . Ze besloten een noodkreet naar de fee te sturen: “ Lieve fee, de mensen kwellen ons met hun hebzucht. Help ons!” De fee kwam direct en luisterde. Haar lieve gezicht betrok en ze sprak: “Ik geef jullie wapens om je te verdedigen: de moeflons krijgen horens om zich te weren, de hoenders krijgen schutkleuren om niet gezien te worden en de bijen angels om hun aanvallers af te weren.” Wat waren de dieren blij en hoopvol. De hebzuchtige mensen werden echter kwaad en met geweld probeerden ze de wol, de eieren en de honing te bemachtigen. Hierop vluchtten de moeflons weg van de mensen, hoog de bergen in. De hoenders werden schuw en verstopten hun nesten onder stekelige braamstruiken. |
 bijen voor een bijenkast © Els Baars
En de bijen? De koningin van de bijen vloog naar de slang en vroeg: “Gifslang, de mensen zijn zo gemeen, mag ik wat gif van je, want we willen ieder mens dat nog honing van ons steelt, niet alleen gemeen steken, maar ook doden, zodat ze nooit meer honing kunnen stelen.” De slang siste: “dat is goed, ik heb genoeg.” De bijenkoningin ging blij naar haar volk terug met een voorraad gif. Toen de fee dat ontdekte sprak ze: “Ieder dier mag zich beschermen tegen misbruik, maar iemand daarom te willen doden gaat te ver. Daarom zal een bij voortaan sterven zodra hij iemand steekt met haar giftige angel. Maar om te voorkomen dat een bij moet steken, mag een bij een mens wel eerst bang maken. Daarom geef ik de bijen een zoemgeluid, zodat de mensen weten dat ze afstand moeten houden en de bij niet zonder waarschuwing heeft te steken.” En vanaf die dag steekt een bij alleen als zij echt wordt bedreigd, want dat moet ze met de dood bekopen.
|