Hoe Sint-Nicolaas ervoor zorgde dat één loofboom zijn bladeren in de winter vasthoudt. Hulst (014)

Also available in: nlNederlands deDuits

In ons land groeien vooral bomen die in de herfst hun blad verliezen. Hebt u zich wel eens afgevraagd waarom er maar één loofboom is, de hulst, die zijn blad in de winter behoudt? Daar weet Sint-Nicolaas meer van, luister naar dit sprookje met een knipoog:

Lang geleden woonden de meeste mensen nog in hutten in dorpjes verspreid over het land.

Vanuit zijn hemelse verblijf zag een aartsengel dat op mooie zomerse dagen rook uit de schoorsteen van een hutje omhoogkringelde. Dat vond hij merkwaardig, want als de temperatuur zo aangenaam warm is dat de kinderen in de rivier spelen – wie steekt dan toch een haardvuur aan? De aartsengel stuurde een heilige naar de aarde voor onderzoek.
Deze heiligman, Sint-Nicolaas, ontdekte dat de duivel in het hutje brandewijn stookte van eikels. Een aantal handelaren had al snel in de gaten gekregen dat dit pittige drankje goede handelswaar was en toen de sint bij het hutje aankwam stonden ze klaar om de vaten op te kopen. Sint Nicolaas maakte een praatje en proefde het drankje. Hij moest toegeven dat deze verwarmende drank overheerlijk was. Maar het was jammer genoeg een duivelsdrankje. Toch wilde hij direct enkele vaten kopen.
De heiligman had één probleempje: hij had geen geld, want dat is er in de hemel niet. Toen de handelaren hem vroegen wanneer hij zou betalen, antwoordde hij: ‘In de herfst, als alle bomen hun blad verloren hebben.’ De handelaren gingen akkoord en leverden hem de eerste vaten brandewijn van dat jaar. Sint-Nicolaas ging mèt de vaten brandewijn tevreden terug naar de hemel.
Thuisgekomen vertelde hij de aartsengel wat hij gezien en geproefd had, over de duivel en de brandewijn en over zijn deal met de handelaren. Dat was een probleem, want de hemel kon toch geen brandewijn van de duivel gaan financieren! Samen bedachten de engel en Sint-Nicolaas een oplossing voor het geldprobleem: vanaf die herfst zorgde de engel ervoor dat de hulst zijn bladeren vasthield en het hele jaar door groen bleef. En de handelaren? Die wachten nog altijd op hun geld.
Sindsdien blijft de hulst het hele jaar door groen én sindsdien staat Sint-Nicolaas voor eeuwig in de schuld bij de handelaren. Misschien koopt hij daarom wel zoveel cadeautjes in december, als alle bomen kaal horen te zijn…
En wat er in de hemel is gebeurd met de vaten brandewijn? Dat vermeldt dit sprookje niet.

Hulst is de enige groenblijvende loofboom in Noordwest-Europa. De bladeren blijven twee, hooguit vijf jaar aan de boom. Hoe ouder een blad is, hoe minder scherpe punten het heeft. De boom kan onder gunstige omstandigheden 10 meter hoog worden en twee tot drie eeuwen leven. Vaak staat de boom in de schaduw van hogere loofbomen waardoor de hulst niet hoog wordt. Hij groeit het liefst in regenrijke gebieden en kan niet goed tegen strenge vorstperiodes. Hulst bloeit in april en mei. De rode bessen zijn giftig voor mensen. Bij de vogels vinden alleen de appelvink en koperwiek de bessen lekker. Een groepje koperwieken kan in de winter een boom in één dag leegeten. De lijster eet ze als er in de winter niets anders is, maar broedt wel graag in de hulst. Veel hulstbomen worden tegen de kersttijd verminkt voor de kerstversiering. De Romeinen gebruikten hulst eind december al als versiering ter ere van het feest voor Saturnus, de god van de landbouw.

 

© Els Baars, Natuurverhalen.nl