een fatale fout, de maretak (016)

Also available in: nlNederlands enEngels frFrans deDuits

De maretak is een groenblijvende struik die bovenin op de zijtakken van bomen groeit. In de winter als de boom kaal is, is het struikje goed te zien. De witte bessen van de struik zijn giftig. Met dit gif is ooit een  broedermoord mee gepleegd. Luister naar deze Griekse tragedie:

In lang vervlogen tijden waren list en bedrog, afgunst en moord geen ongebruikelijk verschijnselen in godenkringen. In die dagen leefde er een mooie jonge god die bij iedereen geliefd was. Zijn naam was Baldur, god van het Licht. In zijn jeugd werd Baldur gekweld door terugkerende nachtmerries waarin hij werd vermoord. Zijn moeder zag hierin een voorspelling. Zij was zo bang haar zoon te verliezen dat zij alle mogelijke moordenaars dwong een eed af te leggen waarin zij haar beloofden Baldur niet te zullen doden. Zo ging ze langs bij giftige planten, gevaarlijke bomen, concurrerende en jaloerse  goden, wilde dieren, trollen, tovenaars, overstromingen, storm en bliksem. Allen beloofden plechtig nimmer haar zoon ooit naar het leven te staan. Toen de moedergodin alle mogelijke moordenaars de belofte had afgedwongen, haalde ze opgelucht adem. Haar zoon was onkwetsbaar voor alle gevaren.
Er was echter één moment van onachtzaamheid geweest. Zij had één onschuldig ogende struik over het hoofd gezien. Dat was een giftige struik die groeide op andere bomen, de maretak.
Baldur groeide onbezorgd op tot een wonderschone en geliefde god, die hield van stoeien en strijden.
Omdat hij onkwetsbaar werd geacht, oefenden zijn vrienden op hem met zwaard vechten en pijlen schieten.
Maar de kleine god van het Kwaad, verafschuwde zijn mooie, sterke en populaire broer. Stiekem sleep hij van één maretak één enkele dunne scherpe pijl die hij insmeerde met het giftige sap van de bessen. Gewetenloos verleidde hij de blinde broer van Baldur de pijl op hem af te schieten. De moeder van Baldur was radeloos toen zij inzag dat ze indertijd de maretak over het hoofd had gezien, waardoor haar zoonwas gedood. Haar tranen zijn nog steeds te vinden in de witte bessen van de struik.

De Maretak is een halfparasiet uit de Vogellijmfamilie. Het zijn kleine struiken die op stammen of takken van bomen groeien en wortelen, vooral op populieren en fruitbomen. In de winter is dit groenblijvende struikje goed zichtbaar te midden van de kale takken. Pas aan het eind van de winter rijpen de witte bessen die een taai slijmerig vruchtvlees bevatten waar lijsters dol op zijn. De vogels schrapen het slijm van de bessen van hun snavels door over takken te strijken, waardoor de zaden een nieuwe voedingsbodem vinden.

 

© Els Baars, Natuurverhalen.nl