de oren van een verrader, het judasoor (012)

Also available in: nlNederlands enEngels frFrans deDuits

Soms zult u tijdens wandelingen denken: “zie ik nou echt een oor op het hout van deze vlier of es, of lijkt het maar zo?” Waarschijnlijk ziet u dan het oor van Judas, de apostel die in het bijbelverhaal Jezus de verraderskus geeft in ruil voor geld. Hoe zijn oor op dit hout terecht is gekomen leest u in deze christelijke legende vol wroeging. Luister:

Enkele uren na het Laatste Avondmaal verraadde Judas Jezus met een kus in ruil voor dertig zilverlingen. Toen hij zag dat Jezus gevangen werd en mishandeld kreeg hij spijt van zijn verraad. Het bloedgeld gooide hij weg. De wroeging knaagde in zijn hart en hij treurde om de gevolgen van zijn daad. De enige uitweg leek hem om de aardbodem te verlaten.
Met een stevig stuk touw klom hij in de eerste de beste boom die hij tegenkwam. Dit was een wilg. Judas knoopte het touw aan de hoogste tak en sprong…. De wilg kreunde onder de zware last maar wilde niet meewerken aan het einde van deze verrader. De wilg boog diep door en Judas stond weer op de grond. Sinds die tijd heet deze boom een treurwilg, de boom die treurt om de dood van Jezus.
Judas gaf de moed niet op en klom in een tweede boom, een vlier. De verstoten apostel wist echter niet dat de vlier uit stramme, holle takken bestond. Toen hij sprong boog de tak een stukje mee, maar knapte al snel af en Judas viel hardhandig uit de vlier. Door zijn val schuurde hij zijn oor stuk over de bast van de vlier.
Moedeloos liep hij naar een andere boom, een es. “Drie maal is scheepsrecht,” dacht de verrader. Wederom knoopte hij zijn touw goed vast aan een dikke tak van de es en sprong… De slanke maar taaie takken veerden onder het gewicht, maar braken niet en dit keer bereikte Judas zijn gewenste resultaat. Maar ook tijdens deze val schuurde hij met zijn andere oor langs de takken en zo raakte hij ook zijn tweede oor kwijt.
Sindsdien groeien er judasoren op het hout van de es en de vlier. Hoe weten we dat dit verhaal klopt? Kijk eens goed naar de vleeskleurige zwam. Zeker als de zon er door heen schijnt ziet u de bloedvaatjes er bijna door heen schijnen. En als u voelt met uw vingers, is het zacht als een mensenoor.

Judasoor, de Auricularia auricula judae, groeit op de bast van grote levende of dode vlieren die op een schaduwrijke plaats staan en op dood essenhout. Het is een trilzwam, dat is een zwam met een geleiachtig vruchtlichaam. Is hij droog dan verschrompelt hij tot een donkerbruine zwam, die echter weer opzwelt zodra er water bij komt. Als hij vochtig is lijkt hij op een oor. Het judasoor is een parasiet die ten koste van zijn gastheer leeft. Het judasoor varieert in grootte van 2 tot zo’n 10 cm en is eetbaar.

 

© Els Baars, Natuurverhalen.nl
vrij herschreven, gebaseerd op een hele oude legende die iemand mij vertelde