Waarom de EIK in de winter zijn blad vasthoudt (005)

Also available in: nlNederlands enEngels frFrans deDuits

Heeft u zich wel eens afgevraagd waarom in de winter sommige bomen hun bladeren vasthouden? En wist u dat de eik vroeger een ovaal blad had en nu een gelobde bladvorm. Wilt u weten hoe dat zo is gekomen is, luister dan naar dit duivelse sprookje:

Lang geleden leefde er een ridder die een groot landgoed had geërfd. Hij had echter geen geld. Zijn armoede vond hij vreselijk onrechtvaardig en hij durfde zich nergens te vertonen. Al zijn vrienden waren rijk en bezaten prachtige snelle paarden, droegen schitterende harnassen en gaven grote feesten. Op een stormachtige avond schreeuwde hij in wanhoop: “Ik heb er alles voor over om rijk te worden!” De duivel hoorde zijn smeekbede en lachte.  Bliksemsnel stond hij als een keurige heer voor de arme ridder. “Mijn waarde ridder, hoeveel goudstukken wilt u hebben? U kunt krijgen wat u wilt.” De stomverbaasde ridder keek de man ongelovig aan en zag toen de gele spleetjes in zijn ogen en de valse lach. “Uiteraard in ruil voor uw ziel. Maar wees niet bang, u kunt lang genieten van uw rijkdom en voorspoed. Ik kom uw ziel pas halen in de winter van uw vijftigste verjaardag, zodra alle bladeren van de bomen gevallen zijn.” Voor de jonge ridder was zijn vijftigste verjaardag eindeloos ver weg en hij stemde in met het voorstel.

Ongemerkt verstreken de jaren waarin de ridder voorspoedig leefde in een luxueus kasteel met snelle paarden en grote feestgelagen.
Onrust en angst namen bezit van hem toen zijn haren grijs werden. Wanhopig was hij toen de zomer van zijn vijftigste levensjaar ten einde liep, want hij wist dat de duivel hem niet was vergeten. Ten einde raad liep hij naar het vervallen kapelletje naast een oude eik in een vergeten hoek van zijn landgoed. Met zijn grijze haren en een berouwvol hart bad hij tot Maria om vergiffenis. Dit tafereel was zo smartelijk dat de Heilige Maagd hem vergiffenis schonk, want hij was een rechtvaardig mens geweest. Ze gaf opdracht aan de eik om zijn blad voortaan vast te houden tot in de lente de nieuwe bladeren verschenen. En zo geschiedde het. Toen de duivel zijn ziel kwam halen zei de ridder rustig: “De afspraak is pas geldig als alle blaadjes van de bomen zijn gevallen. Ik geef u mijn ziel zodra er aan de eik geen enkel blad meer zit.” De duivel begreep dat de hemel hem weer dwars zat en was woedend. Hij stuurde zijn huisdier, de geit, naar het bos om alle blaadjes op te vreten, maar deze kwam niet hoger dan anderhalve meter. Witheet van woede stoof de duivel zelf naar beneden en beet de staart van de geit af, die sindsdien een kort slordig stompje heeft. In zijn razernij probeerde de duivel met zijn lange, scherpe nagels de bladeren van de eiken te trekken, maar de blaadjes lieten niet los. Wel beschadigde hij de bladeren van de eik, wat we tot op de dag van vandaag kunnen zien, aan de inhammen die het blad van de eik kenmerken.

De zomereik is de meest algemeen voorkomende inheemse eik in Nederland. Hij biedt een goede beschutting aan een rijke biodiversiteit. Het ecosysteem rond deze eiken bevat zo’n 500 soorten die rond de eik leven, onder meer insecten (veel wespjes met gallen),vlinders, vogels, zoogdieren, mossen en paddenstoelen. De Amerikaanse eik is geïmporteerd en wordt veel aangeplant. Het blad van de Amerikaanse eik is veel groter. Rond de Amerikaanse eik komen nauwelijks andere organismen voor. De eik kan wel 1500 jaar oud worden. Wilde zwijnen zijn dol op de eikels. In  voor-christelijke religies waren oude eiken heilige bomen,gewijd aan Donar, de god van bliksem en donder. (De eik is de boom die het meest getroffen wordt door de bliksem). Na de intrede van het christendom zijn vele monumentale heilige eiken gekapt. Veel overgebleven eiken zijn aan Maria gewijd, daarom zien we vaak eikenhouten Mariakapelletjes naast eiken staan.

 

© Els Baars, Natuurverhalen.nl