Waarom het strandlopertje de grens bewaakt tussen zee en land (003)

Also available in: nlNederlands enEngels frFrans deDuits

Iedereen wordt in de winter vertederd door een klein vogeltje dat langs de golven van de zee rent. Wist je dat deze strandlopertjes een hele belangrijke taak hebben? Dankzij hun nauwgezette werk hebben de Zee en het Land nog maar zelden ruzie, luister:

Lang, heel lang geleden, ruzieden de Zee en het Land voortdurend over de grenslijn. Als de Zee vond dat het Land te veel land van de Zee had afgepikt, nam ze het terug tijdens razende stormen. Rustte de Zee in de zomer uit van haar razernij, dan vormde het Land in stille tijden duinen en slikken. Kreeg het Land tijd genoeg dan verstevigde zij het terug gewonnen land met planten, die de wilde golven van de Zee langer konden weerstaan. Maar daardoor werd de zee nog bozer en eiste tijdens zware herfststormen het verloren gegane land terug.
De dieren en mensen waren vaak slachtoffer van deze grensconflicten en riepen tenslotte in wanhoop uit dat er aan dat eeuwige geruzie een einde moest komen. Zij vroegen de Zee en het Land een scheidsrechter te benoemen die de definitieve grenzen zou vastleggen.
En zo gebeurde het.

Als eerste scheidsrechter werd de koning der vogels, de machtige zeearend aangesteld. De zeearend was immers een vogel die leefde boven de Zee én het Land.
De zeearend overzag vanuit grote hoogte alle kusten van de wereld. Ze kwam na een half jaar terug en zei: “Ik heb het met mijn scherpe ogen goed onderzocht en dit is de grens!” Maar de Zee betwistte deze grens, want zo zei de Zee: “De zeearend is partijdig, deze is meer een landdier, want ze broedt op het Land.”

Vlak voordat de Zee weer in woede ontstak en de stormen al klaar in de startblokken zaten, ging de Zee, op voorstel van de bange mensen en dieren akkoord met een nieuwe scheidsrechter: de wijze koning van de zee, de grote wijze walvis.
De walvis zwom weloverwogen van kust naar kust en kwam na een half jaar terug en zei resoluut: “Ik heb het vanuit alle hoeken bekeken en dit is de grens!”
Maar de grens die de walvis adviseerde, werd verworpen door het Land, want dat vond de walvis, een zeedier tenslotte, te partijdig. Iedereen hief de armen, vleugels en poten ten hemel en vreesde een wederopleving van de twisten, tussen de Zee en het Land. Drie herfsten en winters lang beukten stormen op ‘s werelds kusten. De dieren en mensen waren ten einde raad. Toen kwam de Voorzienigheid tussen beide. De Voorzienigheid gaf de Zee en het Land een grensbewaker. Het was een klein, onopvallende vogeltje, wit, met wat vage vlekken en haar naam was strandloper.  Zij rende langs de uitvloeiende golven op het strand en bewaakte zo de grens tussen Land en Zee. Het vogeltje lette erop dat het Land geen duintjes vormde om de Zee tegen te houden en dat de Zee niet te ver het Land op stroomde.  

Dit vogeltje deed haar werk zo goed, dat beide partijen haar als permanente grensbewaker accepteerden. Zo werd de strandloper officieel benoemd. Omdat ze haar werk zo nijver uitvoerde kreeg ze er een partner bij. Samen bewaakten ze de grens zo goed dat iedereen tevreden was. Ze kregen vele nakomelingen over de hele wereld. En hun werk doen ze tot op de dag van vandaag.

Aan de Nederlandse, Belgische en Duitse zee- en waddenkust zien we vooral de kleine bedrijvige drieteenstrandlopers op en neer rennen met de golven. Het zijn veel voorkomende wintergasten aan de Noordzeekust. Het is een lust voor het oog om deze opwindbolletjes te zien rennen aan de waterrand, bedrijvig zoeken naar kleine zeediertjes.  Ze houden niet zo van drukte en zijn vooral te zien op rustige stukken strand, vaak opererend in groepjes. Eind juli komen ze al terug uit het hoge noorden waar ze broeden en vertrekken pas weer eind mei. Bijna zoals de gierzwaluw, maar dan andersom. Drieteenstrandlopers hebben geen vier tenen zoals de meeste vogels, maar zoals hun naam al zegt drie tenen, waardoor ze snel kunnen rennen.

 

© Els Baars, Natuurverhalen.nl, gebaseerd op een oud  verhaal